Naar iets op zoek?

Met m’n hoofd op TV.

Author:

Vandaag kreeg ik in mijn mail een ‘ongewoon verzoek’. Die krijg ik wel vaker. Maar deze was er wel eentje waar ik om moest lachen.
De mail kwam van een programmaontwikkelaar. Ze heeft programma’s ontwikkeld als ‘DNA Onbekend’, ‘Freeks Wilde Wereld’ en ‘Maestro’. Lees meer

Tosti’s

Author:

Onze school heeft geen kantine. De leerlingen eten tussen de middag in hun stamlokaal en gaan daarna naar buiten. Als het regent dan zitten ze de hele pauze in hun lokaal.
Omdat we geen kantine hebben, zijn er dus ook geen broodjes, appelflappen en tosti’s verkrijgbaar. Er zijn ook geen snoep- of drankautomaten. Veel ouders zijn daar blij mee. Geen verleidingen tot ongezond gedrag. De leerlingen vinden het belachelijk.
Alle scholen hebben een kantine. Dus waarom wij niet? Lees meer

Inspiratieloos

Author:

Heel soms heb ik er last van.
Dan zit ik achter mijn PC met een leeg word-document voor m’n neus. Er moeten woorden opkomen. Het liefst een heel verhaal.
Maar dan komt er niks. Of te weinig. Of niet interessant genoeg. Te saai. Lees meer

dromen

Author:

Hij is een beetje anders dan we gewend zijn van hem. Er staat een microscoop voor z’n neus en hij heeft zojuist een prachtig preparaat gemaakt.
Met zorg schraapte over hij zijn eigen wangslijmvlies.
Het roerstaafje wat hij daarvoor gebruikte, heeft hij nog in zijn mond. Hij bijt er zachtjes op en tegelijkertijd staart hij door het raam naar buiten. Lees meer

V&D-trauma

Author:

Ik was een jaar of vijf denk ik. Mama, oma Kaatje en ik waren bij de V&D.
We zouden met de lift naar boven gaan.

Het was druk bij de lift. Toen hij eindelijk aankwam drongen een paar mensen zich naar binnen. Ik bewoog mee met de massa. Ik kan me nog een kinderwagentje herinneren wat ook naar binnen moest. Het was nogal een gedoe.
Toen de lift volgepropt stond gingen de deuren dicht.

‘Oh nee, Lieneke!’ hoorde ik m’n moeder roepen. Maar het was te laat. Lees meer

Kaartjes voor een euro.

Author:

Koningin Maxima wil graag dat er meer muziekles gegeven gaat worden op de basisschool. Muziekles traint gebieden in de hersenen waardoor je je beter kan inleven in anderen. Je hersenschors wordt dikker, waardoor je ook beter wordt in taal en rekenen. Ik geloof dat dat ook de bedoeling is van onderwijs… Lees meer

Stille Aanbidder…

Author:

Ik hou ervan. Valentijnsdag.
Elk jaar weer spannend. Of er ergens een stille aanbidder zit te hunkeren. Of de bloemist nog aan de deur komt. Hoeveel kaarten er in de brievenbus liggen.
Het resultaat is elk jaar enigszins, nee, ronduit teleurstellend.

Drie jaar geleden kreeg ik er één. Een anonieme Valentijnskaart. Ik heb hemel en aarde bewogen om erachter te komen van wie die was.
Eerst verdacht ik natuurlijk Moraal, Q of BigMouth. Moraal doet zoiets niet. Dat wist ik eigenlijk wel. Maar ja. De rest bleef bij hoog en laag beweren dat ze er echt, écht, ECHT niet achter zaten. Zelfs toen ik huilde, bleven ze erbij dat die kaart niet van hen kwam.

Toen heb ik Jongste Broer gebeld. Die werkte in die tijd als postbode. Ik vroeg me af of je aan het stempel kon zien waar de kaart vandaan kwam. Het antwoord was negatief.

Ik besloot te gaan voor een uitgebreide kaart-analyse, uitgevoerd door mezelf.
De kaart was mierzoet. Hardroze. Met een iets té blij beertje. Dat beertje had een trosje hartjes-ballonnen in z’n pootje. Op z’n buikje stond een rood hartje. Er lag ook een pakje met roze hartjes-cadeaupapier naast hem. Het beertje zei: ‘To my sweet Valentine!’
De afbeelding getuigde van wansmaak. Van weinig creatieve geest. Van geen eigenheid. Van cheesy.
Deze kaart was niet gekocht. Deze kaart kwam onder uit een doos van zijn moeder, denk ik. Of hij is van zijn zusje. Van negen.

‘Het zal wel een boer zijn’, dacht ik nog.
Dat is natuurlijk heel erg bevooroordeeld. I know. Foei! Ik heb echt niks tegen boeren. Maar boeren (zoals ik ze zie in Boer zoekt Vrouw) zijn ook altijd een beetje ehm.. niet-zo-van-de-smaak. Het maakt ze allemaal niet zoveel uit hoe dingen zijn vormgegeven. Als het maar praktisch en doeltreffend is. En dat is prima. Maar niet met Valentijn.

Na mijn zoektocht naar de afkomst van de kaart en analyse van de afbeelding, vroeg ik me serieus af of ik nog wel wilde weten van wie die kaart kwam. De Inspector Gadget inside drong zich enorm op. Ik moest en zou weten van wie die kaart was.

Ik besloot nog één rondje te doen. Handschrift- en inhoudelijke tekstanalyse. Ook door mezelf.
Waarschijnlijk heeft hij uren nagedacht over wat er op de kaart moest. Over hoe hij mijn hart het best zou kunnen veroveren.

De tekst luidde:

‘Lien,
Jij bent mijn Valentijn’.

Dat was alles. Voor de zekerheid checkte ik nog de achterkant.
Leeg.

Nou goed. De tekst stond schots en scheef halverwege de onderkant van de kaart, maar was wel in stijgende lijn geschreven. Ik bedoel: Links onderaan begonnen, rechts halverwege de kaart geëindigd. De schrijver was dus positief ingesteld.
Hij heeft waarschijnlijk ongelooflijk z’n best gedaan. Lief. Heel lief.
Een echt jongens/mannenhandschrift. Beetje houterig. Dus motorisch niet helemaal ontwikkeld. Geen spelfouten. (Kan ook haast niet met die hoeveelheid tekst).

Ondanks dat het waarschijnlijk mijn type toch niet was, wilde ik persé weten wie me die kaart stuurde. Tegen beter weten in deed ik een oproep op Facebook. Alsof hij daar zou reageren… Nee dus.

Nou. Dan niet meneer. Maar weet wel: Je weet niet wat je mist!

Fijne zondag!

Author:

Sinds ik schrijf voor de krant heb ik mijn verhaaltjes een lange poos op woensdag gepubliceerd. Maar al vanaf dag 1 waren jullie het daar niet mee eens.
Ik kreeg boze en teleurgestelde reacties. Het leven was niet meer zoals het was.

De klachten waren niet van de lucht.
Jullie mopperden en vonden het stom. Dat staken jullie niet onder stoelen of banken.
Wekelijks mails, appjes en reacties onder de verhaaltjes op woensdag op FB.
Zelfs in de supermarkt en bij de bakker werd ik er op aangesproken.
En eigenlijk was ik het met jullie eens. Maar ik dacht dat het beter zou zijn om samen met de krant te publiceren. En niet eerder of later.

Ik dacht dat het allemaal wel los zou lopen. Dat jullie even zouden mopperen en vervolgens weer vrolijk door zouden gaan met het leven. Dat we gewoon allemaal even moesten wennen aan het idee.
Dat de woensdag heus niet zo erg is, maar dat het gewoon even in ons systeem moest integreren.
En dat het allemaal wel goed zou komen.

Niets was minder waar. Tot afgelopen week kreeg ik regelmatig nog vragen en opmerkingen. Allemaal hadden ze te maken met de zondag. Jullie konden er niet aan wennen. Jullie hebben erg je best gedaan hoor. Iedereen heeft het geprobeerd.
Ik ook. Maar het is niet goed gekomen.

We zitten ons allemaal een beetje unheimlich te voelen op de woensdag.
Ik ook. Heel erg.
Ik heb daarom besloten om voortaan weer gewoon op zondag te gaan publiceren op de site.
Dan is iedereen weer blij.
En ik het allermeest.

Na de vakantie is het zover. Dan komt er weer gewoon een verhaaltje op zondag. En de week daarna ook. Voor altijd.
Of nou ja, zolang ik zin heb dan he?

Fijne zondag!

Carnaval meester.

Author:

Ja. Ik vind carnaval leuk. Maar oprecht leuk. Ik vind het leuk om iets op m’n hoofd te zetten. En ik vind het leuk om te stappen. Om mensen die ik nooit tegenkom, die ene keer per jaar weer eens te zien. En om nieuwe mensen te ontmoeten.
Ik heb wel een hekel aan carnavalsmuziek. Dat wel. En aan dronken mannen die hun handen niet thuis kunnen houden. Of die je niet kan verstaan en stinken naar de zure lucht van de combinatie bier en frikandel speciaal.
Maar ja. Je kunt niet alles hebben in het leven he? Lees meer

Poëzie

Author:

Ik ben dol op leuke, korte, kleine versjes en gedichtjes. Ik ben altijd een beetje jaloers op mensen die zoiets goed kunnen. Ikzelf ben een hark wat dat betreft.
Als we vroeger op school een poëzie-opdracht kregen begon ik alweer te zuchten. Ik heb dat gewoon niet. Dat poëtische.

Ik geef Nederlands en zie dat leerlingen bij ons op school poëzie gewoon moeilijk vinden. Voorbeelden in het boek zijn vaak te abstract en als ze dan zelf aan de slag moeten wordt het pas écht lastig.
Ik pak er meestal iets toegankelijks bij. Wat ik zelf ook leuk vind. Korte, grappige of mooie versjes.
Zelf een versje of gedichtje schrijven blijft een drama voor onze leerlingen.
Veel kinderen met autisme snappen de bedoeling en verbeelding van poëzie niet. Laat staan dat ze zelf iets kunnen bedenken.
Ik reken het meestal gewoon goed.

Ik had natuurlijk, net als iedereen, wel poëziealbums. Ik noemde ze gewoon ‘poeziealbum’. Zonder de puntjes op de e.
Ik heb er een paar. Telkens als ik een nieuw album uit mocht zoeken werd ik daar blij van. M’n tantes, de juf en klasgenoten zagen me alweer aankomen. Ik was er zuinig op. Als mensen leuk genoeg waren, mochten ze er in.
Fixkes zong er een liedje over: ‘Gij komt in mijn poëziealbummeke’.

Als ik in het album van een ander mocht schrijven, deed ik dat altijd netjes.
M’n moeder zat naast me. We tekenden lijntjes met potlood en liniaal om te voorkomen dat ik schuin omhoog ging schrijven. Ik zocht een gedichtje uit m’n eigen album uit wat ik het leukst vond.
Ik was altijd een beetje bang om fouten te maken, want krassen was uit den boze. Een ‘ik-heb-een-foutje-gemaakt-streepje’ onder de foute letter ook. Tipp-ex hadden we geloof ik niet.
Met zorg zocht ik poëzieplaatjes uit en op de linker bladzijde moest er ook wat in een hoekje. ‘Tip Tap Top mijn pen is op’. Of ‘Al woon je in Marken, trouw nooit met een varken’. Zoiets.
De eerste letter van m’n naam maakte ik ook heel mooi. Met goud en hartjes.
Als het klaar was, gumden we met zorg de potloodlijntjes weer uit.

Zoals ik zuinig was het poëziealbum van anderen, wilde ik ook dat mensen zuinig waren op het mijne. Helaas was dat wel eens een teleurstelling.
Ik gaf ooit mijn album aan een jongen. Ik vond hem leuk en het was ‘aan’ tussen ons.
Maar ik geloof niet dat zijn moeder naast hem ging zitten.
Het was een stom gedichtje. Heel slordig geschreven en hij had gekrast. Er zat ook geen plaatje bij. Ik kon wel janken.
Voorzichtig knipte ik die bladzijde eruit. Ik had er niet aan gedacht dat er op de achterkant van zijn geklieder, een prachtig versje stond. Kak.
De verliefdheid was meteen over. Ik heb het daarna meteen uitgemaakt.
Sukkel.

Tegenwoordig zie ik nooit meer poëziealbums voorbij komen. Maar ja, ik kom ook niet echt met de doelgroep in aanraking. M’n neefjes zijn stoer dus die hebben geen poëziealbummekes. Ik heb geen nichtjes. En ik werk met 12- tot 15-jarigen.
Die vinden dat way to kinderachtig.

Gelukkig is het komende week poëzieweek.
Kan ik m’n hart weer ophalen.

Over mij

Ferme vrouw | schrijft verhaaltjes | (Sinterklaas)-theater | docente | concerten | festivals | heimwee | wielrennen kijken | sushi | kaas | rosé & thee

RECENTE BERICHTEN

Parkeerplaats

Ik lees het Weekjournaal niet. Dus weet ik ook nooit wat over gemeenteplannen. Pas toen ik een uitno...

Ja, ik wil een mailtje als er weer een nieuw verhaaltje is!

Twitter

De 10 van Lien!