Naar iets op zoek?

Heimwee

Author:

Vroeger viel het mee. Ik ging braaf en zonder te mopperen mee op vakantie. Elk jaar een weekje naar West-Kapelle. Elk jaar met familie A. Elk jaar gezellig. Elk jaar hetzelfde. Regelmaat. Dat schijnt te helpen. Op een gegeven moment hield het op.

Ik kan me niet heugen dat ik ooit met vriendinnen op vakantie ging. Nooit naar Renesse, Texel, Lloret de Mar, Mallorca of iets anders hips en jeugdigs. Nee. Ik ging met de trein. Dagjes. En ik sliep elke avond thuis.

Toen ik verkering kreeg kon ik er eigenlijk niet onderuit. Voor de lieve vrede ging ik mee. Toen ging het ook nog wel. Maar naar mate de relatie langer duurde, werd de heimwee erger. Ik heb 3 keer Ierland overleefd, 6 keer Luxemburg, 2 keer Frankrijk en 1 weekje Tsjechië ook. Ik ging op studiereis naar Tanzania. Daarna ben ik nog één keer in Duitsland geweest. Dat was in 2002. Het was de laatste keer dat ik op vakantie ben geweest. De geplande drie weken werden nooit gehaald. En als er twee weken gepland werden, hield ik het nog nét 1 week uit. Ik heb me vaak stiekem in slaap gehuild. Of helemaal niet geslapen.

Het is geen kattenpis hoor, heimwee. Als ik internet moet geloven, is het een serieus psychisch probleem. Ik word letterlijk ziek. Rugpijn, hoofdpijn, buikpijn. Ik ga janken en zeuren. Ik ben totaal niet gezellig. Soms leef ik wel op hoor. Als het écht even heel leuk is. Maar al snel draait m’n maag weer om. En m’n humeur ook.

Vriendjes die mij, met al hun goede bedoelingen een ‘weekendje weg’ geven, zijn trouwens de hel op aarde. Lief bedoeld hoor, echt. Verjaardagen of mijlpalen zie ik met angst en beven tegemoet. ‘Als ik maar geen weekendje krijg’, denk ik dan. En jawel hoor. Elk vriendje heeft de illusie dat hij mij van m’n heimwee af kan helpen. Het is nog nooit gelukt. Rond de tijd dat het weekendje daadwerkelijk gaat plaatsvinden ga ik smoezen verzinnen om niet te hoeven gaan. Ik begin voorzichtig. ‘Kunnen we niet één nachtje, in plaats van twee?’ Meestal het gaat uit, nog voor het weekendje is verzilverd. Geluk bij een ongeluk.

Soms lijkt het wel of ‘de mensen’ het erger vinden dan ik zelf. Tuurlijk. Ik zou wel willen dat ik zonder gedoe ergens gewoon heen kan zonder die stress te hebben. Gewoon. Simpel. Pyjamaatje en tandenborsteltje inpakken en wegwezen. Maar zo werkt het dus niet. Aan de andere kant: Ik heb niet het idee dat ik wat ‘mis’ als ik niet op vakantie ga. En jawel; het is heus wel mooi overal. Dat zie ik ook wel. Het eten is in elk land lekker. En de mensen zijn overal vriendelijk. De natuur… prachtig. Het weer… heerlijk. Ik snap het allemaal. Maar er is dus niks, écht helemaal niks wat me kan overhalen op vakantie te gaan. Tenminste… ik heb het nog niet ontdekt.

Ik heb elk jaar zes weken zomervakantie. Sommige collega’s vragen zich altijd af hoe ik de vakantie toch door kom als ik nérgens heen ga. Ik heb op de eerste werkdag na de vakantie dan ook weinig spannends te vertellen. ‘Leuke vakantie gehad?’ ‘Ja hoor’, roep ik enthousiast. ‘Veel op het terras gezeten en op festivals rondgehangen. En verder zijn alle ramen weer gewassen en de kasten uitgemest.’ Ze kijken verbaasd. ‘En dagjes he?’ voeg ik er gauw aan toe. ‘Dagjes ben ik natuurlijk wel weggeweest.’ Alsof dat nog opweegt tegen de Inca Trail, fietsen in Canada, kanoën in Zweden of rondreizen door China.

Er was ooit een collega die mij zijn therapeut aanprees. Hij vertelde dat het toch fantástisch moest zijn als ik ‘lekker’ op vakantie kon. Zorgeloos aan het strand liggen en genieten van mooie natuur. Ik werd al misselijk bij het idee dat iemand mij van m’n heimwee af ging helpen. Dan zou ik op vakantie moeten. No way.

Tegenwoordig trek ik 1 nachtje logeren nog nét. Stappen of een festival… Ik slaap bij intimi thuis. Die snappen dat ik niet zit te wachten op een gezellig ontbijtje en stellen verder ook geen vragen. Er moet dan wel alcohol in. Als ik niet drink, rijd ik, hoe dan ook, terug naar huis. En als ik wél drink, dan is het eigenlijk geen slapen, maar ‘wachten tot ik weer mag rijden’. Als ik wakker ben vertrek ik richting huis. Meestal nog vóór 7.30 uur. En als ik thuis ben, ga ik lekker slapen. In m’n eigen bed.

Geloof me.
Het is beter voor iedereen. En vooral voor mezelf.
Ik kan het gewoon niet. En ik wil het niet.
Helaas.

Maar prima.

Over mij

Ferme vrouw | schrijft verhaaltjes | (Sinterklaas)-theater | docente | concerten | festivals | heimwee | wielrennen kijken | sushi | kaas | rosé & thee

RECENTE BERICHTEN

Nieuwe fiets

‘Elektrische fietsen zijn voor mensen met longproblemen.’ Oom Tinus had ooit eens een duidelijk ...

Ja, ik wil een mailtje als er weer een nieuw verhaaltje is!

Twitter

De 10 van Lien!